top of page
IMG_0033333.png
Peter Vandebuerie
people-2596890_1920.jpg

Gebed: spreken vanuit geloof, liefde en gehoorzaamheid

Iedereen die God wil dienen, moet leren bidden.

God hoort graag de gebeden van zijn kinderen. Gebed is meer dan het opzeggen van woorden of het vragen om hulp wanneer we het moeilijk hebben. Het is een belangrijk onderdeel van onze verhouding met God. Door te bidden, spreken we met Hem, danken we Hem, belijden we onze zonden en leggen we onze zorgen en verlangens aan Hem voor.

In de Bijbel lezen we over mannen en vrouwen die hun vertrouwen op God stelden en Hem voortdurend zochten in gebed. Denk aan Daniël, die ondanks de moeilijkheden bleef bidden (Daniël 6:11), Hanna, die haar verdriet aan God voorlegde (1 Samuël 1:10-11), en Jezus, die regelmatig de tijd nam om alleen te bidden (Lukas 5:16).

Of we nu jong of oud zijn, veel levenservaring hebben of nog volop aan het leren zijn: iedereen die God wil dienen, moet leren bidden. Maar wat leert de Bijbel ons over gebed? Verhoort God al onze gebeden? En hoe kunnen we bidden op een manier die Hem behaagt?

1. God verhoort de gebeden van zijn kinderen

God nodigt ons uit om Hem te zoeken en onze verlangens aan Hem bekend te maken. Jezus zegt:

„Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden.” — Matteüs 7:7, NBG

Ook in Hebreeën 4:16 worden christenen aangemoedigd om met vrijmoedigheid tot God te naderen, zodat zij barmhartigheid en genade kunnen ontvangen en hulp kunnen vinden op het juiste moment. Paulus schrijft:

„Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God.” — Filippenzen 4:6, NBG

En in 1 Tessalonicenzen 5:17 lezen we de korte maar belangrijke opdracht: „Bidt zonder ophouden.” Deze teksten leren ons dat gebed geen noodoplossing is die we alleen gebruiken wanneer alles misloopt. God wil dat we Hem bij ons hele leven betrekken.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

  • Een kind kan bidden om hulp wanneer het bang is of moeilijkheden ervaart op school.

  • Een jongere kan God om wijsheid vragen bij belangrijke keuzes over vriendschappen, studie of werk.

  • Een volwassene kan bidden om kracht wanneer hij of zij verantwoordelijkheden op het werk of in het gezin moeilijk vindt.

  • Een oudere kan God danken voor zijn trouw en bidden voor kinderen, kleinkinderen en de volgende generatie.

Jakobus 5:16 leert dat het gebed van een rechtvaardige veel vermag. Dat betekent niet dat we God kunnen dwingen om te doen wat wij willen. Het betekent dat we het gebed serieus mogen nemen en met vertrouwen tot Hem mogen naderen.

God verhoort zijn kinderen, maar Hij doet dat niet noodzakelijk op de manier of het tijdstip dat wij verwachten. Soms ontvangen we wat we vragen, soms geeft God ons wijsheid of kracht om een moeilijke situatie te doorstaan, en soms begrijpen we niet waarom een bepaalde uitkomst uitblijft. Ons vertrouwen moet daarom rusten op Gods karakter en niet uitsluitend op de uitkomst waarop wij hopen.

2. God stelt voorwaarden aan het gebed

De Bijbel leert niet dat ieder gebed automatisch wordt verhoord, ongeacht de houding of de levenswijze van degene die bidt. God heeft ons duidelijk gemaakt welke houding Hij van ons verlangt.

A. Ons gebed moet oprecht zijn

Gebed is geen toneelstuk. God verlangt geen mooie woorden waarmee we indruk proberen te maken. Hij wil dat we eerlijk tot Hem spreken. Paulus schrijft over zijn verlangen en gebed voor Israël:

„Broeders, de begeerte mijns harten en mijn gebed over hun behoud gaan tot God uit.” — Romeinen 10:1, NBG

Paulus bad omdat hij werkelijk verlangde dat zijn volksgenoten gered zouden worden. Zijn gebed kwam voort uit een oprecht verlangen naar hun welzijn. Jezus waarschuwde in Matteüs 6:5-6 voor mensen die bidden om door anderen gezien te worden. Hij leerde zijn discipelen dat zij in het verborgene tot hun Vader mochten bidden.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

  • Als we bidden voor iemand die verdriet heeft, moeten we werkelijk om die persoon geven.

  • Als we God om vergeving vragen, moeten we erkennen dat we verkeerd hebben gehandeld.

  • Als we bidden om hulp voor iemand met wie we ruzie hebben, moeten we bereid zijn onze eigen houding te onderzoeken.

We hoeven onze gevoelens niet te verbergen voor God. We mogen Hem ook onze twijfel, teleurstelling en verdriet vertellen. Oprechtheid betekent niet dat we altijd sterk of zeker moeten klinken, maar dat we eerlijk voor God komen.

B. We moeten bidden in geloof

Jakobus schrijft:

„Maar hij moet bidden in geloof, in geen enkel opzicht twijfelende.” — Jakobus 1:6, NBG

In deze context gaat het over het vragen om wijsheid. God wil dat we erop vertrouwen dat Hij wijsheid geeft aan wie Hem daarom vraagt. Geloof betekent niet dat we ervan overtuigd moeten zijn dat iedere persoonlijke wens werkelijkheid zal worden. Het betekent dat we vertrouwen op God, zijn wijsheid en zijn beloften. Romeinen 10:17 leert dat het geloof voortkomt uit het horen van het woord van Christus. Daarom kunnen we ons geloof niet uitsluitend baseren op gevoelens, verwachtingen of persoonlijke ervaringen. We moeten leren wie God is door zijn Woord te onderzoeken.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

Een leerling die moeite heeft met een vak, kan God om wijsheid en doorzettingsvermogen vragen. Dat geloof ontslaat hem niet van de verantwoordelijkheid om te studeren. Iemand die een moeilijke beslissing moet nemen, kan God om inzicht vragen en tegelijkertijd de Bijbel onderzoeken, advies zoeken en zorgvuldig nadenken.

Een christen die door een moeilijke periode gaat, mag erop vertrouwen dat God hem niet vergeet, ook wanneer de omstandigheden niet onmiddellijk veranderen.

Geloofvol bidden is dus niet hetzelfde als alles zeker weten over de uitkomst. Het is vertrouwen op God, ook wanneer we nog niet weten wat er zal gebeuren.

C. We moeten bidden overeenkomstig Gods wil

Jezus leerde zijn discipelen in het Onze Vader te bidden:

„Uw Koninkrijk kome; uw wil geschiede, gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.” — Matteüs 6:10, NBG

In Getsemane liet Jezus zelf zien wat deze houding betekent. Hij bad:

„Doch niet mijn wil, maar de uwe geschiede.” — Lukas 22:42, NBG

Jezus maakte zijn verlangen bekend, maar onderwierp zich aan de wil van zijn Vader. Bidden overeenkomstig Gods wil houdt twee belangrijke zaken in. Ten eerste: we vertrouwen op Gods wijsheid. Wij zien slechts een deel van onze omstandigheden. God kent ons volledig. Daarom mogen we onze verlangens aan Hem voorleggen zonder te eisen dat Hij precies doet wat wij willen. Een jongere kan bijvoorbeeld bidden dat hij toegelaten wordt tot een bepaalde opleiding. Hij mag daar oprecht naar verlangen, maar moet ook bereid zijn Gods leiding te zoeken wanneer de uitkomst anders is.

Ten tweede: we moeten Gods wil leren kennen uit de Bijbel. We kunnen niet bewust tegen Gods geboden ingaan en vervolgens verwachten dat gebed onze ongehoorzaamheid goedmaakt. Paulus schrijft in 2 Tessalonicenzen 3:10 dat wie niet wil werken, ook niet moet eten. Dit gaat over mensen die weigerden te werken, niet over mensen die door ziekte of andere omstandigheden niet kunnen werken. Het beginsel is dat gebed onze eigen verantwoordelijkheid niet vervangt.

Wie bijvoorbeeld bidt om een goede verstandhouding met anderen, moet ook zelf bereid zijn om eerlijk te spreken, te vergeven en vrede na te streven. Evenzo kunnen we bidden voor mensen die nog niet in Christus geloven. Maar gebed vervangt niet de verantwoordelijkheid om het evangelie te horen, te geloven en God te gehoorzamen. Gebed en gehoorzaamheid horen bij elkaar.

D. We moeten God gehoorzamen

De Bijbel legt een duidelijk verband tussen onze verhouding met God en onze gebeden.

„En ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij Zijn geboden bewaren en doen wat welgevallig is voor zijn aangezicht.” — 1 Johannes 3:22, NBG

Dit betekent niet dat een christen zonder fouten moet zijn voordat hij mag bidden. De Bijbel roept ons juist op om onze zonden te belijden en Gods vergeving te zoeken. Het gaat om een leven waarin we God willen dienen en zijn geboden serieus nemen, in plaats van bewust in ongehoorzaamheid te blijven volharden.

Spreuken 28:9 waarschuwt dat het gebed van iemand die zijn oor afwendt van Gods wet Hem niet behaagt. Jesaja 59:1-2 maakt duidelijk dat de zonden van het volk een scheiding tussen hen en God hadden veroorzaakt. Ook de woorden van de blindgeborene in Johannes 9:31 wijzen op het belang van godsvrucht en het doen van Gods wil.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

  • Wie bidt om vergeving, moet bereid zijn zijn verkeerde gedrag te erkennen.

  • Wie bidt om vrede in het gezin, moet zelf ook proberen geduldig en vergevingsgezind te zijn.

  • Wie bidt om een heilig leven, moet bereid zijn keuzes te maken die passen bij Gods Woord.

  • Wie bidt om wijsheid, moet bereid zijn die wijsheid ook in de praktijk toe te passen.

Gebed mag nooit een manier worden om onze verantwoordelijkheid te ontlopen. We kunnen God niet voortdurend om hulp vragen terwijl we bewust weigeren naar Hem te luisteren.

3. Christenen bidden in de naam van Christus

Jezus zegt:

„En wat gij ook vraagt in mijn naam, Ik zal het doen, opdat de Vader in de Zoon verheerlijkt worde.” — Johannes 14:13, NBG

Bidden in de naam van Christus is meer dan aan het einde van een gebed de woorden „in Jezus' naam” uitspreken. Het houdt verband met onze afhankelijkheid van Christus, zijn gezag en zijn wil. We naderen God niet op basis van onze eigen verdiensten, maar door Jezus Christus. Tegelijk betekent bidden in zijn naam niet dat we iedere persoonlijke wens kunnen laten uitkomen door deze woorden aan ons gebed toe te voegen. De verzen rondom Johannes 14:13-14 spreken over Jezus en zijn discipelen. Daarom moeten we deze belofte lezen in samenhang met zijn onderwijs en zijn opdracht aan hen.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

Een christen kan bidden om moed om eerlijk te blijven, ook wanneer liegen gemakkelijker lijkt. Hij kan bidden om liefde voor iemand die hem moeilijk behandelt. Hij kan God vragen om hulp om het evangelie op een begrijpelijke manier uit te leggen.

In zulke gebeden zoeken we niet alleen onze eigen belangen, maar ook wat past bij Christus en wat God verheerlijkt. Daarom is Bijbelonderzoek onmisbaar. Hoe beter we Gods Woord kennen, hoe beter we leren onderscheiden waarvoor we mogen bidden en welke houding God van ons verlangt.

4. Wat hoort er in onze gebeden thuis?

De Bijbel leert ons niet alleen hoe we moeten bidden, maar ook welke onderwerpen in onze gebeden thuishoren. Een gezond gebedsleven omvat meer dan vragen om hulp voor onze eigen problemen.

A. Dankzegging

Paulus schrijft:

„Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God.” — Filippenzen 4:6, NBG

Dankzegging helpt ons om stil te staan bij wat God ons geeft. Wanneer we alleen bidden om wat we nog missen, kunnen we gemakkelijk vergeten hoeveel we al hebben ontvangen.

Voorbeelden:

  • Een kind kan God danken voor zijn gezin, vrienden en dagelijkse verzorging.

  • Een jongere kan Hem danken voor mogelijkheden om te leren en zich te ontwikkelen.

  • Een volwassene kan danken voor werk, gezondheid, steun van anderen en de kracht om moeilijke dagen door te komen.

  • Een oudere kan danken voor herinneringen, levenslessen en de mensen die hem of haar omringen.

Ook wanneer het leven moeilijk is, kunnen we zoeken naar redenen om God te danken. Dat betekent niet dat we verdriet moeten ontkennen, maar dat we Gods goedheid niet uit het oog verliezen.

B. God loven en zijn naam verheerlijken

Gebed is niet alleen vragen en danken. We mogen God ook prijzen om wie Hij is. De psalmist schrijft:

„Dat zij de naam des Heren loven, want zijn naam alleen is verheven, zijn majesteit is over de aarde en hemel.” — Psalm 148:13, NBG

We kunnen God loven om zijn heiligheid, liefde, rechtvaardigheid, trouw, wijsheid en macht.

Denk bijvoorbeeld aan Psalm 103:8, waar God wordt beschreven als barmhartig, genadig, lankmoedig en rijk aan goedertierenheid. Wanneer we Gods karakter overdenken, leren we Hem niet alleen te zien als Degene van wie we iets nodig hebben, maar ook als Degene die onze liefde, eerbied en dankbaarheid verdient.

Praktische toepassing: Neem tijdens een gebed bewust de tijd om één of meer eigenschappen van God te benoemen en erover na te denken wat die eigenschappen betekenen.

C. Onze zonden belijden en om vergeving vragen

De Bijbel leert dat we eerlijk moeten zijn over onze tekortkomingen.

„Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.” — 1 Johannes 1:9, NBG

Niemand heeft er baat bij om te doen alsof hij nooit iets verkeerd doet. God kent ons en roept ons op om onze zonden te erkennen. Belijdenis houdt meer in dan zeggen dat we spijt hebben. We erkennen dat ons gedrag verkeerd was en richten ons erop om anders te handelen.

Voorbeelden:

  • Een kind geeft toe dat het gelogen heeft.

  • Een jongere erkent dat hij iemand bewust heeft gekwetst.

  • Een ouder vraagt God om vergeving voor ongeduldig of onrechtvaardig gedrag.

  • Een oudere christen erkent dat hij ondanks zijn levenservaring nog steeds correctie en geestelijke groei nodig heeft.

Gods belofte van vergeving geeft ons hoop. Tegelijk mogen we zijn genade nooit gebruiken als excuus om bewust in zonde te blijven leven.

D. Voor anderen bidden

Paulus schrijft:

„Ik vermaan u dan allereerst smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen te doen voor alle mensen.” — 1 Timoteüs 2:1, NBG

Onze gebeden mogen niet uitsluitend om onszelf draaien. Liefde voor onze naaste betekent dat we ook diens noden voor God brengen. We kunnen bidden voor familieleden, vrienden, buren, collega's, leerkrachten, overheden, zieken en mensen die verdriet of moeilijkheden ervaren. We mogen ook bidden voor mensen met wie we het oneens zijn of die ons slecht behandelen. Jezus leert in Matteüs 5:44 dat we moeten bidden voor degenen die ons vervolgen.

Voorbeelden voor verschillende leeftijden:

  • Kinderen kunnen bidden voor een klasgenoot die gepest wordt.

  • Jongeren kunnen bidden voor vrienden die verkeerde keuzes maken of hun geloof moeilijk vinden.

  • Ouders kunnen bidden voor hun kinderen, hun opvoeding en hun geestelijke ontwikkeling.

  • Volwassenen kunnen bidden voor collega's, mensen in nood en leiders die verantwoordelijkheid dragen.

  • Oudere christenen kunnen bidden voor de gemeente, jonge gezinnen en de volgende generatie.

Bidden voor anderen kan ons ook helpen om na te denken over wat we zelf voor hen kunnen doen. Als we bidden voor iemand die eenzaam is, kunnen we bijvoorbeeld ook proberen die persoon te bezoeken of contact op te nemen.

E. Voor onszelf bidden

Het is niet verkeerd om God onze eigen noden voor te leggen. Hij kent ons en nodigt ons uit om op Hem te vertrouwen. Petrus schrijft:

„Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.” — 1 Petrus 5:7, NBG

We mogen God vragen om wijsheid, leiding, kracht, bescherming en hulp in moeilijke omstandigheden.

De Bijbel noemt verschillende zaken waarvoor we mogen bidden:

  • Wijsheid: Jakobus 1:5 leert dat wie wijsheid tekortkomt, God daarom mag vragen.

  • Leiding: Jezus leert ons in Matteüs 6:13 te bidden om niet in verzoeking te komen en om van de boze verlost te worden.

  • Kracht om verzoekingen te weerstaan: 1 Korintiërs 10:13 leert dat God trouw is en een uitweg geeft, zodat we de verzoeking kunnen doorstaan.

  • Innerlijke kracht: Efeziërs 3:16 spreekt over versterkt worden door Gods Geest in de innerlijke mens.

  • Vertrouwen in Gods zorg: Matteüs 7:11 wijst erop dat de Vader goede gaven geeft aan wie Hem daarom vragen.

Filippenzen 4:13 spreekt over Paulus' kracht om onder verschillende omstandigheden tevreden en standvastig te blijven door Christus. Deze tekst is geen belofte dat we alles kunnen bereiken wat we willen, maar een herinnering dat Christus ons kan sterken om trouw te blijven.

Voorbeelden uit het dagelijks leven

Een leerling kan bidden om rust en wijsheid voor een examen, terwijl hij zich goed voorbereidt. Iemand die werk zoekt, kan bidden om leiding en volharding. Een ouder kan God om geduld vragen bij de opvoeding. Een oudere die zich zorgen maakt over de toekomst, kan zijn bezorgdheid bij God brengen. We hoeven niet te wachten tot onze problemen groot worden. We mogen God ook bij kleine dagelijkse zorgen betrekken.

5. Gebed heeft invloed op ons dagelijks leven

Gebed is geen verplicht nummer dat we snel afwerken voordat we aan de rest van de dag beginnen. Het is een manier om onze afhankelijkheid van God te erkennen en ons leven op Hem te richten.

Wanneer we regelmatig bidden:

  • leren we onze zorgen aan God toe te vertrouwen;

  • worden we eraan herinnerd om dankbaar te zijn;

  • onderzoeken we onze eigen houding en ons gedrag;

  • groeien we in liefde voor andere mensen;

  • leren we Gods wil beter kennen door zijn Woord;

  • worden we aangemoedigd om in moeilijke omstandigheden trouw te blijven.

Dit betekent niet dat gebed ons leven automatisch gemakkelijk maakt. Trouwe christenen kunnen nog steeds verdriet, ziekte, teleurstelling en onzekerheid ervaren. Ook Jezus maakte lijden mee. Gebed geeft ons geen garantie dat alle moeilijkheden verdwijnen, maar het helpt ons om ons vertrouwen op God te blijven stellen. Jezus leert in Matteüs 6:9-13 dat we tot onze Vader mogen bidden om zijn naam te heiligen, zijn koninkrijk te zoeken, dagelijks brood te ontvangen, vergeving te krijgen en bewaard te worden voor verzoeking.

Dit gebed laat zien dat een gezond gebedsleven zowel Gods eer als onze dagelijkse behoeften omvat.

Besluit: blijf bidden en vertrouw op God

God nodigt ons uit om tot Hem te naderen. Dat geldt voor kinderen en jongeren, voor ouders en alleenstaanden, voor mensen die pas christen zijn geworden en voor mensen die Hem al jarenlang dienen. De Bijbel leert ons om oprecht en in geloof te bidden, Gods wil te zoeken en Hem te gehoorzamen. We mogen Hem danken, prijzen, onze zonden belijden, voor anderen bidden en onze eigen noden aan Hem voorleggen. En als volgelingen van Christus mogen we door Hem tot God naderen.

Laat ons daarom niet alleen bidden wanneer we hulp nodig hebben. Laat ons God zoeken in goede en moeilijke tijden, wanneer we vreugde ervaren en wanneer we verdriet hebben, wanneer we antwoorden begrijpen en wanneer we nog met vragen zitten. Paulus geeft ons deze eenvoudige opdracht:

„Bidt zonder ophouden.” — 1 Tessalonicenzen 5:17, NBG

En laten we daarbij de woorden van Jezus ter harte nemen:

„Doch niet mijn wil, maar de uwe geschiede.” — Lukas 22:42, NBG

Een volwassen gebedsleven draait niet om het krijgen van alles wat we vragen, maar om het steeds opnieuw zoeken van God, het vertrouwen op zijn Woord en de bereidheid om zijn wil te doen.

bottom of page